Interview door een veertienjarige scholiere voor een schoolopdracht

 

1. Heeft u, om schrijfster te worden, ook een opleiding gedaan? Zo ja: welke?
Nee, geen opleiding voor gedaan. Helemaal autodidact, maar wel met hulp van heel goede redacteuren en uitgevers. Zonder hen had ik het echt niet gered.

2. Hoe kwam u op het idee om schrijfster te worden? Waren er andere mensen in uw omgeving met een vergelijkbaar beroep?
Er was niemand in mijn omgeving met een vergelijkbaar beroep. Ik kom uit een onderwijzersgezin. Na de Havo ben ik dan ook naar de Pedagogische Academie gegaan om leerkracht basisonderwijs te worden, dat leek een logische keuze. Ik heb ook veel lesgeefbanen gehad. Pas rond mijn 38e ben ik verhalen en gedichten gaan schrijven. Twee jaar later kwam mijn eerste boek uit: ‘En dan was ik de prinses’. Dat boek is zelfs in vier talen vertaald (Engels, Amerikaans, Deens, Koreaans)!

3. Hoe oud was u toen u bedacht dat u schrijfster wilde worden?
Zie vorige vraag. Als kind heb ik er wel eens aan gedacht, maar het was niet echt een heel bewuste droom van mij. Heel vroeger wilde ik actrice worden of zangeres, maar ook juf of verpleegster. Juf ben ik uiteindelijk geworden. En schrijfster, dus.

4. Had u toen ook al een verhaal in uw hoofd dat u meteen wilde uitwerken?
Zie vorige vraag (nee, dus). Vanaf mijn vroegste jeugd heb ik wel heel veel verhalen geschreven, en opstellen en dagboeken. De drang tot schrijven zat er dus wel al vroeg in.

5. Werkt u met veel collega’s, of is het juist een individueel beroep?
Het is een heel individueel beroep, maar gelukkig ken ik wel een aantal schrijvers en schrijfsters met wie ik het heel goed kan vinden en met wie ik ook over het schrijversvak praat.

6. Met welke mensen heeft u contact als u aan een boek werkt?
Ik hou altijd contact met mensen, of ik nou wel of niet schrijf.

7. Hoe komt u op ideeën voor een boek?
Die komen vanzelf binnenwaaien. Ik krijg ook wel ideeën door dingen die ik in kranten of tijdschriften lees. Televisie is ook een inspiratiebron en andere mensen (en hun verhalen) al helemaal.

8. Hoe begint u aan een boek? Schrijft u steekwoorden van ideeën op die u later uitwerkt, of gaat u gewoon achter de computer zitten?
Ik begin met een eerste zin. Daar komt vanzelf een tweede zin achteraan. Voordat ik het weet heb ik een hoofdstuk. Daarna komt het echte denkwerk pas. Ik heb sowieso altijd overal opschrijfboekjes, schriften en kladblokken liggen om invallen en ideeën op te schrijven.

9. Maakt u van te voren een hoofdstukindeling of komt dat vanzelf?
Nee, ik maak nooit een indeling, dat komt vanzelf.

10. Hoeveel A4tjes moet je ongeveer schrijven om een goed boek te hebben?
Ik tel geen A4-tjes, maar woorden. Een 12+ boek heeft minimaal 35.000 woorden. Mijn dikste boek tot nu toe was ongeveer 66.000 woorden.

11. Weet u van te voren het einde van het boek, of bedenkt u die ter plekke?
Soms weet ik het einde al vrij snel. Soms komt dat pas helemaal aan het eind.

12. Schrijft u alleen  boeken, of ook iets anders?
Ik schrijf alleen boeken. Ik zou ook graag artikelen schrijven, of columns, misschien komt dat nog eens.

13. Heeft u naast boeken schrijven ook een ander beroep?
Ik heb veel andere beroepen gehad. Nu geef ik naast het schrijven nog wat bewegingslessen, geef ik massages en soms coach ik iemand. Vroeger was ik ook juf, schoonheidsspecialiste/aromatherapeute, aerobics- en pilatesdocente en nog verder terug in de tijd was ik een poosje verkoopster in een sportwinkel in Zwitserland, reisleidster en hostess.

14. Is het wel eens voorgekomen dat u geen inspiratie had?
Er zijn wel eens momenten dat ik even niet schrijf omdat ik in mijn hoofd op dingen moet broeden. Inspiratie heb ik bijna altijd, die inspiratie omzetten in geschreven tekst lukt alleen niet altijd meteen.

15. Werkt u fulltime of parttime? Is dat vanzelfsprekend heeft u daarvoor gekozen?
Dat ligt ‘m eraan hoe je dat bekijkt: schrijfster ben je 24 uur per dag, of je nu achter je laptop zit of niet. In die zin kun je zeggen dat ik, ook gezien mijn andere werkzaamheden, fulltime werk.

16. Heeft u een gemiddeld, hoog of laag inkomen?
Ik zou graag ‘hoog’ zeggen, maar dan lieg ik.

17. Wat vind u het leukste aan uw baan?
VRIJHEID. Inderdaad, met hoofdletters, want vrijheid is mijn grootste goed. Dat wil zeggen dat ik het echt heel erg fijn vind om mijn eigen tijd in te kunnen delen. Ik ben vrij gedisciplineerd, dus dat kan ik prima handelen, niemand hoeft mij achter mijn laptop te dwingen, dat doe ik gewoon zelf.

18. Wat vind u het minst leuke aan uw baan?
Onzekere inkomsten en dat je met jezelf moet leuren. Mezelf verkopen vind ik niet leuk, ik heb liever dat anderen dat voor me doen. Maar als je schrijver bent, hoort dat er nu eenmaal bij. Hoewel ik er nog steeds weinig mee doe, heb ik zelfs een twitter-account. Wie volgt? Haha.

19.   Bent u eigen baas, of heeft u een baas?
Eigen baas! (zie vraag 17).

20.  Hoe kom je aan een uitgever om je boeken uit te geven?
Dat kan op verschillende manieren. Zelf heb ik jaren geleden mijn eerste verhalen en gedichten naar meerdere uitgeverijen gestuurd en ben door iedereen afgewezen. Totdat een uitgeefster potentie in me zag en vroeg of ik een prinsessenboek wilde schrijven. Dat werd mijn eerste boek. Ik ben nog steeds heel erg dankbaar dat ik die kans heb gekregen.

Tegenwoordig heb je ook veel ‘gratis’ doe-het-zelf’-uitgeverijen. Dat zou ik niemand aanraden. Ieder boek heeft namelijk redactie nodig en dat krijg je daar niet, behalve als je ervoor betaalt en dan moet je nog maar afwachten of dat goed gebeurt. Daarnaast verkoop je je boeken dan alleen aan mensen die je kent, want het aanbod op de boekenmarkt is zo gigantisch groot dat de reguliere boekhandel ze meestal niet inkoopt. Uiteraard zijn er ook uitzonderingen in dit verhaal.

21. Hoe wordt de voorkant van een boek gemaakt? Werkt u daar zelf aan mee?
Dat regelt de uitgeverij. Bij mijn uitgeverijen heb ik daar gelukkig meestal veel inspraak in, maar niet altijd zo veel als ik zou willen.

22. Schrijft u ook zelf de achterkant van een boek of doet iemand anders dat?
Dat doe ik zelf en daarna wordt het geredigeerd (en soms ingekort en ingedikt).

23.  Voor welke doelgroep schrijft u het liefst? Hoe komt dat denkt u?
Ik begon voor jonge kinderen. Langzamerhand ben ik voor een steeds iets oudere doelgroep gaan schrijven. Ontdekt! was mijn eerste 12+ boek. Nu ben ik bezig met een historische roman voor volwassenen die ook door 16+ gelezen kan worden. Ik kan niet zeggen wat ik het liefste doe, ik vind het leuk om voor alle leeftijdsgroepen te schrijven en me daarin niet te beperken.

24. Heeft u wel eens gehad dat u heel erg tevreden was over een boek, en dat de uitgever het maar niets vond?
Helemaal in het begin wel, en later realiseerde ik me dat die uitgever daar helemaal gelijk in had. Ik heb ook wel eens gehad dat een uitgever niet tevreden was over een paar hoofdstukken of fragmenten waar ik zelf juist heel blij mee was. Meestal heeft de uitgever gelijk ;). Dat zie je als schrijver meestal pas als je met de pest in je lijf bent gaan herschrijven, en daarna ziet dat het inderdaad beter wordt.

25. Op welk boek bent u het meest trots? Hoe komt dat? Is dat boek ook het meest verkocht, heeft het een prijs gewonnen of heeft het een andere reden?
Te moeilijke vraag, ik ben op al mijn boeken heel trots. Maar als ik moet kiezen, kies ik er twee: mijn debuut, omdat dat mijn eerste boek was, en inderdaad de Stephboeken, omdat ik zo ongelofelijk trots ben op mijn dochter.  Die laatste boeken hebben goed verkocht, maar het zo voor mij best nog veel beter mogen, hoor. Ik heb er geen prijzen voor gewonnen.

 26. Laat u uw boeken eerst lezen aan bijvoorbeeld vrienden of familie voordat u het verhaal naar de uitgever brengt?
Altijd. Sowieso altijd aan mijn man (die heel kritisch is), soms aan mijn dochter, soms aan andere proeflezers.

27. Heeft u wel eens  gehad dat u met een verhaal begon, en het halverwege opeens helemaal geen leuk verhaal meer vond?
Ja hoor, vaak genoeg. Dan stop ik ermee. Soms ga ik er later toch mee door, andere keren blijft het gewoon in de digitale la liggen.

28. Laat u zich ook inspireren door familieleden of vrienden?
Ik laat me altijd inspireren door verhalen van anderen, zonder die verhalen kan ik niet schrijven. De Stephboeken zijn inderdaad gebaseerd op verhalen die mijn dochter me heeft verteld, evenals Star Beach. Mijn 12+ boek Over van alles, maar vooral over de liefde is deels autobiografisch (gaat deels over mijn eigen vader…).  In Loek de blindengeleidehond staan allemaal waar gebeurde verhalen die een blinde vrouw mij heeft verteld, de boekjes over Minou heb ik geschreven toen ik kleuterjuf was, Floep gaat over het leven en sterven van een hond, die een mix is van de twee honden die wij zelf hebben gehad. Je ziet: ook je eigen leven kan een grote bron van inspiratie zijn.

29. Komen er behalve Steph in de Stephboeken andere mensen in uw verhalen voor die u persoonlijk kent?
David in de Stephboeken bestaat echt, Leah ook, Bo ook (maar die heet in het echt anders). Tess en Sue uit Star Beach zijn gebaseerd op mijn dochter en haar toenmalige beste vriendin.

30. Over welk onderwerp zou u het liefst nog een boek willen schrijven?
O, zoveel… Ik zou tien levens nodig hebben om alle boeken te schrijven die ik nog in mijn hoofd heb. Tegelijkertijd denk ik wel eens dat er misschien een dag komt dat ik helemaal niet meer schrijf en totaal iets anders ga doen. Daar maak ik me nu niet druk over, ik zie het wel, dat soort dingen kun je toch niet plannen. Je weet van tevoren niet wat er allemaal op je pad komt en hoe je je als mens ontwikkelt.

31. Zou u het leuk vinden als uw boeken verfilmd worden?
Tuurlijk! Er zijn ook wel eens plannen voor geweest, maar films worden vaak afgeketst op financiën.

32. Kan iedereen zomaar naar een uitgever gaan en zijn/haar boek laten lezen, of moet je daarvoor bijvoorbeeld ergens ingeschreven staan?
In principe kan iedereen dat doen, maar het duurt altijd lang voordat je antwoord hebt en het merendeel van de manuscripten wordt afgewezen. Dit is niet om het jou tegen te maken, maar om je een eerlijk beeld te schetsen.

33. Als je zelf schrijfster wilt worden, wat zijn dan de belangrijkste eigenschappen die je nodig hebt?
De belangrijkste eigenschap die ik daar zelf voor nodig heb gehad is doorzettingsvermogen en ik denk dat dat voor de meeste mensen in creatieve beroepen geldt. Ten tweede moet je heel goed tegen kritiek leren kunnen, daar leer je beter van schrijven en je wordt er ook als mens sterker van. Je kunt het namelijk niet iedereen naar de zin maken en er zullen altijd mensen zijn die vinden dat je er niks van bakt. Soms schrijven mensen op sites ook lelijke dingen over je boeken en het is handig als je je daar niet te veel door laat beïnvloeden. Dat deed ik in het begin wel, ik trok me negatieve kritiek erg aan. Intussen weet ik dat het een kwestie van smaken verschillen is. Zelfs J.K. Rowling heeft niet alleen maar fans.

 

 

‘Lezen is dromen met je ogen open’.

fb t